Paniek in de keet
- Sara Jacobs
- 5 mrt 2023
- 2 minuten om te lezen
Vorige week in Home and away (no comment), gespot in een filmpje van de Te Gek?!-campagne, omschreven in het vorige boek dat ik las: de (beschrijvende) symptomen zijn tegenwoordig overal te vinden, zo lijkt. En dat omdat er een nood is aan kennis over paniekaanvallen en wat als het iemand van je omgeving overkomt. Terecht, kunnen we niet tegen zijn. Toch?
En toch, ja. Hoewel het geen harde ‘en toch, ja’ is. Het is eerder een bedenkelijk gezicht omdat ik me geen leven kan indenken zonder. Ik had al zeker niet het besef dat daar iets van bewustwording over nodig was. Waardoor mijn eerste reactie misschien niet de meest positieve was.
Ik was er als kind steevast van overtuigd dat dat deel uitmaakte van een gewone dag. ‘s Avonds geen lucht krijgen, letterlijk happen naar adem en er zeker van zijn dat iedereen dit zo beleeft. Ik vroeg geen uitleg aan iemand. Het was er gewoon.
Jaren later krijg je een woord dat het omschrijft: paniekaanval. Best wel een beangstigend woord. Geen wonder dat ik er als kind toch - heel stiekem, want we zijn jong en doen lekker stoer - wat bang voor was. Het leek een monster onder het bed dat niet echt was, dus zoveel kwaad kon dat angstaanjagende gevoel me toch niet doen. Toch?
En toch, ja. Had ik dat kleine meisje van toen maar kunnen zeggen wat het was. Dat alles goed zou komen. Dat er meer dan 20 jaar later awareness rond zou zijn. Had die tiener van toen geweten dat wat ze toen voelde nu een topic zou zijn, ze zou trots zijn op de wereld. Omdat de uiterlijke wereld stilaan wordt uitgedrukt in wat we voelen vanbinnen. En zo verandert mijn initiële mening naar een applaus van appreciatie.
Ik denk niet dat er dan wezenlijk minder paniek zou zijn, maar de manier van kijken zou veel veranderen. Wat we voelen mag er zijn. Niet alleen voor onszelf, maar ook voor de wereld rondom ons.
Omdenken misschien ook door een ander woord te verzinnen voor de term paniekaanval…?